Thema's > Communisme
Communistische Bulgarije is begonnen als de Volksrepubliek
Bulgarije in 1944. De communisten wonnen de verkiezingen in 1945 en Georgi
Dimitrov werd premier. Hoewel hij, voornamelijk in de Sovjet-Unie, in
ballingschap geleefd had sinds 1923,was hij verre van een Sovjet-marionet. Hij
was eerder gelinieerd aan de de Joegoslavische communistische leider Tito, en
was van mening dat Joegoslavië en Bulgarije, als nauw verwante Zuid-Slavische
volkeren, een federatie moesten aangaan. Dit idee had niet de voorkeur van
Stalin, en er zijn lange tijd het vermoedens geweest dat het plotselinge
overlijden van Dimitrov in 1949 geen toeval was, maar dit is nooit bewezen.
Na zijn dood werd de macht overgedragen aan een extreme stalinist: Valko
Tsjervenkov. De stalinistische fase in Bulgarije duurde minder dan vijf
jaar. Landbouw was genationaliseerd en de boeren opstanden te neergeslagen. Veel
mensen werden onderdrukt in arbeidskampen.
De kerk werd onder de controle van de Staat geplaatst.
In 1950 werden de diplomatieke betrekkingen met de Verenigde Staten afgebroken.
De Turkse minderheid werd vervolgd, en de grensgeschillen met Griekenland en
Joegoslavië werden nieuw leven ingeblazen.
Het land leefde in een staat van angst en isolement.
Stalin stierf in 1953, en in 1954 werd Chervenkov vervangen door Todor Zhivkov
met de goedkeuring van de nieuwe leiders in Moskou.
Todor Zhivkov leidde Bulgarije voor de komende dertig jaar, volledig trouw aan
de Sovjets, maar thuis werd een meer gematigde politiek nagestreefd.
De betrekkingen met Joegoslavië en Griekenland werden hersteld en de
arbeidskampen werden gesloten.
Sommige beperkingen van de vrijheid van meningsuiting werden hersteld en de
vervolging van de kerk werd gestaakt.
De omwenteling in Hongarije in 1956 was niet overgenomen in Bulgarije, maar de
communistische regering bracht beperkingen aan op de intellectuele en literaire
vrijheid om te voorkomen dat dergelijke uitbraken ook in Bulgarije plaats zouden
kunnen vinden.
De economische omstandigheden verbeterden en Bulgarije werd
algemeen beschouwd als het braafste jongetje uit de klas van de Sovjet-Unie van
de Oost-Europese satellietstaten.
In 1968 gaf Bulgarije blijk van zijn loyaliteit aan de Sovjet-Unie, door deel te
nemen aan de invasie van Tsjecho-Slowakije.
Hoewel Zhivkov nooit een despoot volgens de Stalinistische school werd, werd
zijn regime steeds meer corrupt en autocratisch. Het hoogtepunt was de bizarre
campagne van vervolging van de etnische Turken die werden veroordeeld tot het
aannemen van Bulgaarse namen. Velen vluchtten naar Turkije, en de kwestie bracht
Bulgarije op gespannen voet met het westen.
Door de invloed van Mikhail Gorbachev's "perestroyka" in de Sovjet-Unie waren de
communistische leiders in Bulgarije niet in staat om weerstand te bieden aan de
uitgestelde vraag naar verandering.
In november 1989 werden demonstraties gehouden in Sofia, die
zich snel uitbreidde naar een algemene roep om politieke hervormingen.
De communisten reageerden door Zhivkov af te zetten en hem te
vervangen, maar dit was slechts een lapmiddel. Een paar maanden gaf de partij
vrijwillig zijn aanspraak op de macht op.
In juni 1990 werden vrije verkiezingen gehouden in Bulgarije,
en was Bulgarije op weg naar de democratie.